Reading File 3 Being There
Hoe
zit een Reading File in elkaar? Elke Reading File bestaat uit
twee delen:
A. het boek
Bij
elk hoofdstuk uit het boek staat een aantal vragen en opdrachten. Tijdens het
lezen van het hoofdstuk dien je de vragen te beantwoorden en de opdrachten uit
te werken. Er zijn ook algemene vragen die je voor of na het lezen van het boek
kunt beantwoorden
B. het verslag
In
het tweede gedeelte gaat het om je eigen beleving van het boek, wat je van het
boek vond. Er wordt niet zomaar om je oordeel gevraagd; door de vragen van dit
gedeelte te beantwoorden ontstaat je persoonlijke verslag.
A. het boek Algemene vragen en opdrachten
Deze vragen en opdrachten
kun je nu doen, maar ook als je met de andere vragen en opdrachten klaar bent.
1. Noteer de
schrijver van deze roman.
2. Probeer wat autobiografische
gegevens over de schrijver te vinden, die verband houden met dit boek.
3. Wanneer is de roman gepubliceerd?
4. In welke land speelt het verhaal
zich af?
5. Hoe lang duurt het verhaal?
6. Verklaar de titel van het verhaal.
7. Tot welk genre behoort dit boek.
8. Wat is het thema van dit boek, of
met andere woorden: welke 'boodschap' heeft de auteur voor zijn lezers?
9. In dit boek worden politiek, media
en diplomatie in de Verenigde Staten belachelijk gemaakt. Beschrijf in enkele
zinnen hoe dat gebeurt, nadat je het boek hebt gelezen.
In hoofdstuk 1 maak je kennis met Chance, de hoofdpersoon
uit het boek
10. Hoe brengt Chance zijn dagen door?
11. Welk opmerkelijk feit wordt over
zijn intellectuele vermogens verteld?
12. Wie wonen nog meer in het huis?
13. Wat wordt verteld over 'the Old
Man?
In hoofdstuk 2 blijkt 'the Old Man' te zijn overleden
14. Wat komen Franklin en Hayes doen?
15. Waarom
zegt Chance: "... you have me. 1 am
here. What more proof do you need?"
16. Wat vertelt Franklin aan Chance aan
het einde van hoofdstuk 2?
Hoofdstuk 3 zit vol misverstanden
17.
Vertel hoe EE Chance noemt en waarom.
18.
Waarom denkt Rand dat Chance zakenman is?
19.
Wat bedoelt Rand met 'the room upstairs'?
In hoofdstuk 4 ontmoet Chance de president van de Verenigde
Staten
20. Hoe reageert Chance op de vraag van
de president over de slechte economische situatie?
21. Hoe komt de Chance voor het eerst
onder de aandacht van de media?
22. Waar herhaalt Chance zijn 'standpunt'
over de Amerikaanse economie?
23. Wat zou
Rand bedoelen als hij tegen Chance zegt: "She
[EE] needs someone like you ... very
much."
24. Waarom denkt EE dat Chance een
welgesteld man is?
25. Waarom weet Chance niets van sex en
voortplanting?
26. Wat venelt EE aan Chance aan het
einde van hoofdstuk 4?
Lees nu hoofdstuk 5
27. Welk voorstel doet EE aan Chance?
28. Waarom denkt Ambassadeur Skrapinov
dat Chance Russisch spreekt?
29. Een verslaggever zegt: "... the most honest admission to come from a
public figure in recent years.1> Waar slaat zijn opmerking
op?
30. Wie is Ronald Stiegler en welk
voorstel doet hij Chance?
31. Wat zouden zowel de Amerikaanse
president als de Russische ambassadeur graag willen weten?
32. Waarom raakt Chance in verlegenheid
als zowel de man met het lange haar als EE sex met hem willen? (zie ook vraag
25)
33. In dit hoofdstuk maakt Chance een
paar korte opmerkingen. De mensen om hem heen vinden dat hij buitengewoon
scherpzinnig is. Toch vertelt hij alleen maar gewoon de waarheid. Geef 3
voorbeelden opmerkingen die Chance maakt en de reacties daarop.
Lees hoofdstuk 6
34. Tot wat voor groep behoort Chance
volgens Sulkin?
35. Welke codenaam krijgt Chance van de
Russen?
36. Tot welke conclusie komen zowel de
president als de ambassadeur met betrekking tot hun geheime dienst?
Hoofdstuk 7 begint met een bijeenkomst in de kamer van de
president
37. De president zegt: "... Duncan has decided not to run with me."
Voor welke functie was Duncan oorspronkelijk kandidaat?
38. Waarom is Chance in vergelijking
met alle andere genoemde personen de meest geschikte kandidaat?
39. Wat volgens vraag 38 een voordeel
voor Chance blijkt te zijn, was in hoofdstuk 2 een nadeel. Vertel waarom.
De
antwoorden en uitwerkingen van al deze vragen en opdrachten vormen samen een boekverslag.
Je gaat nu een persoonlijk verslag schrijven met behulp van de vragen
hieronder. Het gaat vooral om je persoonlijke ervaringen tijdens het lezen en
je eigen oordeel over het verhaal.
B. het verslag
40. Vertel waarom je het verhaal al of niet moeilijk vond en
gebruik daarbij één of meer van onderstaande redenen:
-
er komen veel / weinig moeilijke woorden in voor
-
de schrijver gebruikt lange, ingewikkelde / korte eenvoudige zinnen
-
er komen veel / weinig personen in voor
-
het Engels van de schrijver is anders dan / hetzelfde als het Engels wat je op
school hebt geleerd
-
er komen in het verhaal veel / weinig namen en begrippen voor die je niet kent
-
je weet genoeg / te weinig van de historische/sociale achtergrond van het verhaal
-
je moet veel / weinig tussen de regels door lezen
-
de schrijver vertelt het verhaal wel / niet in chronologische volgorde
-
de schrijver weidt nogal eens / weinig uit
41. Wat vind je van de schrijfstijl van de schrijver? Gebruik
in je antwoord één of meer van de
volgende
woorden: zakelijk, afstandelijk, objectief, subjectief, hoogdravend,
sentimenteel, satirisch, ironisch,
.........
Wat
vind je van de verteltrant van de
schrijver? Gebruik in je antwoord één of meer van de volgende woorden: spannend,
meeslepend, boeiend, saai, langdradig, onsamenhangend, ..........
42. Vind je
dat de titel van het verhaal een kemachtige weergave van de inhoud en het thema
is?
- Ja, want
..........
- Nee, want ..........
43. Welke
gevoelens heeft de hoofdpersoon, Chance, bij je opgeroepen tijdens het lezen?
Maak bij je amwoord gebruik van één of meer van de volgende woorden:
- begrip,
sympathie, bewondering, respekt, gemengde gevoelens, medelijden, irntatie,
atkeuring, verachting, walging, ...........
Probeer
bij jezelf na te gaan waarom je dat voelde.
44. Beschrijf
het karakter van de hoofdpersoon. Gebruik bij de beantwoording één of meer van
de volgende woorden:
-
gesloten/openhartig, zelfverzekerd/onzeker, introvert (= in zichzelf
gekeerd)/extrovert (= op de wereld gericht), eerlijk/niet altijd eerlijk,
rustig/ongedurig, moeilijk/flexibel, ..........
45. Zou je je
met Chance kunnen vereenzelvigen? Probeer eens uit te leggen waarom wel ofjuist
niet.
46. Welke
persoon in het verhaal stond je het meest tegen? Verklaar waarom.
47.
Wat vind je van het einde van het verhaal? Zou je liever een ander einde hebben
bedacht? Waarom wel/niet?
48. Een
klasgenoot wil dit boek gaan lezen. Schrijf een positief of negatief advies van
ongeveer 25 woorden.
49.
Zou je nog wel eens een andere roman van deze schrijver willen lezen? Licht je
antwoord kort toe.
Voeg nu je boekverslag en je persoonlijke verslag bij elkaar
en je hebt een compleet leesverslag.